axelle.punt.nl
Laatste artikelen

Het pad tussen de bloemkolen en de melk is versperd door vier mensen met twee boodschappenkarretjes, die genoeglijk staan te keuvelen.

Ik moet bij de melk zijn en wurm mijn karretje tussen de melk en de keuvelaars maar ik maak daar een inschattingsfoutje en bots met mijn kar tegen de spiegel, die daar gelukkig tegen bestand blijkt.

“Ben u de moeder van Eshra, u bent de moeder van Eshra!!”, roept een van de twee vrouwen verheugd uit.

“Nee, ik ben niet de moeder van Eshra”, protesteer ik. Ik laat mij veel zeggen, maar niet dat ik de moeder van Eshra ben!

“Nou u lijkt er anders wel op!”, zegt de vrouw zo verwijtend en triomfantelijk dat ik heel even twijfel of ik toch niet de moeder van Eshra ben.

“Die ramt ook altijd spiegels, de moeder van Eshra?”, vraag ik.

Daar heeft het winkelende stel zo gauw geen antwoord op en niet begrijpend blikken ze van elkaar naar mij, en vice versa, totdat de vrouw zich herneemt.

“Eshra is zo’n halfbloedje, van een Turk”, verduidelijkt ze, als er nu nog geen belletje gaat rinkelen, weet zij het ook niet meer, “van zo’n Turkse vader en een Hollandse moeder, heb u geen Turkse man?”

Over mijn kin wrijvend, denk ik daar even diep over na maar moet de vrouw helaas teleurstellen.

“Hoe oud is Eshra?”, vraag ik voor de zekerheid.

“Negen, bijna tien, net as die van mijn”, helpt de vrouw, nu verwachtingsvol maar ik kan wederom slechts ontkennend antwoorden en meld dat ik maar weer eens verder ga en dat ze Eshra maar de groeten moet doen.

“En ook de groeten aan de moeder van Eshra”, doe ik joviaal, kan mij ‘t schelen.

“Ja zal ik doen”, antwoord de vrouw en het stel vervolgt hun gesprek.

Ik vond het gezellig en besluit volgende week zondagmiddag weer boodschappen te doen in de supermarkt.

Reacties
La France aug. 2014 Alain
 
Zelfs Joost was op de hoogte maar uiteraard had mijn broertje Gui  het rotgeintje verzonnen, want dat was het, bedoeld om mij te uit de tent te lokken ten overstaan van mijn familie.                                               
Mijn broertje Gui, die aanvankelijk met ons zou reizen maar die toch een dag eerder zou arriveren  dan wij, en dus ruimschoots de tijd had.      
's Middags of aan het begin van de avond zou Alain langskomen met een trekker om een veldje om te ploegen en glad te maken zodat mijn vader er aardbeien of sla of zoiets op kon zetten. 
De dag van mijn aankomst had hij mij keurig een  berichtje gestuurd dat hij er niet zou zijn omdat hij zijn dochter van het vliegtuig ging halen die naar Spanje op vakantie was geweest, een appje dat ik niet gekregen had omdat er hier in de campagne geen internet te ontvangen is.
 
Gelukkig kletst mijn maman veel en graag, dus ik wist het wel, hoewel ik het niet acceptabel vond dat hij er mijn eerste avond niet was.
Zijn appje  dat twee dagen later binnenkwam, maakte iets goed, maar niet alles.
Ik hoorde zijn tractor eerder dan ik 'm zag en kon het niet uitstaan dat ik reikhalzend maar nerveus naar het moment uitkeek hem te zien.   
Zijn glimmend gepoetste trekker betrad het erf, daar waar mijn broertje en Joost eerder eenvoudig een stuk  van het hek hadden weggehaald.
De cabine was omgeven met donker glas zodat ik hem niet maar hij mij wel goed kon zien, wat hem een voorsprong gaf.                                                            
Terwijl ik met mijn papa en maman en Joost zo stond te kijken naar de trekker die zich een weg ploegde door de droge met stenen bezaaide grond, en wij de kracht van de machine bespraken, daar kun je toch met de hand niet tegenop, ahh de diepgang van de conversaties à la campagne,  werden er van achter twee handen zacht maar onmiskenbaar, laag op mijn heupen gelegd.  
Ik wist meteen zonder te begrijpen, Alain zat immers in die glimmende trekker daar recht voor ons, dat hij dat was, zijn geur, zijn krullen in mijn hals en zijn veel te lage stem waarmee hij: "bonjour madame", in mijn oor bromde.
 
Ik was te gelukkig om verbaasd te zijn en genoot slechts van het moment zijn lijf zo achter me te hebben en al die kriebels die dat teweegbracht.         
Mijn papa en maman hadden Alain niet gezien, tot mijn papa opeens uitriep: "joh dat is Gui op de trekker", en mijn moeder met veel oh la la's en ahs,  Alain ontdekte.
Hij liet me maar langzaam los,  schoof zijn hand nog even omhoog naar mijn buik voordat hij mijn familie begroette.
Toen mijn broertje klaar was met zijn werk en het veldje mooi omgeploegd, geëgaliseerd en klaar om beplant te worden achterliet, plaatste de mannen Alain en Joost het hek weer terug, onder supervisie van mijn papa .
Gui had de trekker bij Alain geparkeerd en stak thuis de fik in de barbecue.      
 
Ik had geen zin in mijn maman en stuurde haar naar haar gasten, een argument waar ze wel gevoelig  voor is, de keuken uit zodat ik even tot mezelf kon komen van de onverwachte ontmoeting met mijn fermier,  pardon agrículteur. 
Mijn elegante boer die mij vannacht mee zijn heerlijk geurend bed in zou nemen, waarom was hij anders immers zo stilletjes achter mij verschenen .
Ik vond nog wel dat hij het eerst netjes moest vragen, een klein beetje schutterig zou gepast zijn, hij hoefde er niet van uit te gaan mij als een rijp appeltje in zijn bed te doen rollen.
Ik bracht schalen salades naar buiten en iedereen hielp zichzelf  aan de overvloed aan drank en spijzen.
Ik had geen honger en ging bij mijn papa zitten.
Alain zat met mijn broer in een diep gesprek gewikkeld over landbouwkundige inzichten maar kwam even later mijn kant op met een bord vol eten, waar hij smakelijk van zat te kluiven.
Wij informeerden beleefd naar elkaars families en buiten het frequenter worden van de intense blikken, de lachjes, de terloopse aanrakingen, vond hij dat ik niet alleen rode wijn moest tetteren, en hield mij een worstje voor.
Ik beet 'm in zijn vinger, waarop hij met  diepe stem zijn "aaahhh", liet horen terwijl zijn ogen in de mijne van alles te weeg brachten.
"Reste chez moi madame", ik voelde zijn spanning. 
Ik liet de stilte duren, "on verra", antwoordde ik, "geeft u mij dan nog maar wat te eten, ik zal het nodig hebben".
Ahh,  daar moet hij om lachen, waren we alleen geweest dan had er nu een bulderlach geklonken, maar hij is discreet, mijn boer.
Ik maakte me van hem los, we zijn zo zelden bij elkaar, mijn familie, en ik hoor Joost honderduit praten over zijn stage tegen mijn papa, ach die beelden, ik drink ze in.
Toen mijn papa en maman aankondigden naar bed te gaan, fluisterde Alain in mijn oor dat hij even verderop op mij zou wachten,  en wenste iedereen uitgebreid "bonne nuit".    
 
Aan zijn arm leidde hij mij naar zijn huis maar pas toen we het verlichte erf betraden en we elkaar konden zien,  volgde o zo langzaam de eerste zoen, voorzichtig tastend,  aftastend.
Zijn bedrieglijk trage tempo ontketende krachten die geen weerstand duldden.
De sfeer was losjes en we maakten grappen terwijl we elkaar ontdeden van de kleren maar onze ogen spraken boekdelen. 
Zijn licht kaki overhemd dat zijn getinte huid zo mooi doet uitkomen, mijn t-shirt, zijn iets donkerder kaki korte broek met dezelfde kleur reeds behoorlijk opbollende boxer.
We zoenden nog maar eens en zijn ding duwde op eigen kracht mijn rokje omhoog, waar we vreselijk om moesten giechelen, wat over ging in een kreuntje van zijn kant omdat ik 'm bij zijn stevige brede billen tegen me aanduwde. 
Ik nam hem bij de hand en duwde 'm op zijn eigen bed waar ik de boel eens flink ging verkennen, te beginnen bij zijn benen die ik uit elkaar legde, langzaam omhoog naar zijn buik waarbij ik dat steigerende apparaat slechts licht beroerde met mijn lippen, wat hem al een zuchtend: "nonnon" ontlokte.
Langzaam werkte ik me omhoog en liet 'm kijken voor ik me op zijn mond liet zakken maar niet lang, ik wilde hem, en leidde zijn harde pik in me oh, dat heerlijke geladen moment van het binnengaan.
Ik bewoog niet veel en zijn kundige vingers deden wat ze moesten doen en ik kon niet voorkomen dat ik me orgastisch om zijn dikke lul krampte. 
Reacties
Douze Points!
 
Vandaag steek ik ik mij, figuurlijk gesproken dan (bah getferderrie), een veer in de reet, aan moederdag doen wij niet.
De baby's kregen wij omdat wij het geluk hadden dat onze pogingen tot het verkrijgen ervan tot het gewenste effect leidden, wij menen zelf dat ons niet aflatende enthousiasme daartoe heeft bijgedragen want sodeju, wat waren wij er goed in.
Het bleek een vaardigheid die tot op de dag van vandaag veel vrolijkheid oplevert, zij het zonder de bij-effecten.
Een truc die bepaalde volksstammen nooit onder de knie kregen, gezien het aantal ongecontroleerde snotkinderen dat je op ongekend luidruchtige wijze het reizen in de Hollandse Thalys zuur maakt, samen met hun al even onopgevoede ouders die met veel lawaai hun gebroed tevergeefs trachten te corrigeren. 
Wat een verademing is de kalmte daarna in de TGV waar maman haar beschaafd om een snoepje zeurende kleuters met geheven wijsvinger en zachte stem nadrukkelijk en effectief tot de orde maant: "coup de tête!", waarna zij ze vervolgens bezighield met een spelletje, een wandeling door de trein en een snoepje op een door maman gekozen tijdstip.
 
Onze baby's die daar niet om gevraagd hadden geboren te worden, zijn inmiddels het postpuberale tijdperk betreden. Wij houden van ze en zorgen voor ze.
Nog vóór ze hun eerste luiertje volpoepten zagen wij dat als onze taak, een waarvan wij ons met liefde kwijten immers, als je ze krijgt zorg je er voor en we houden van ze, zo veel, zo veel en onvolwaardelijk en niet geheel gespeend van eigenbelang want hangt ons geluk niet grotendeels af van hun welbevinden?
Het zijn leuke kinderen die gretig en vol vertrouwen de wereld bestormen en het lef hebben naar verre vreemde oorden te vertrekken, en dat mensen, is wel een zo groot en overweldigend cadeau dat ik met recht zeg, Douze Points!
Reacties
"Mijn vader is verliefd op de moeder van Kiano", deelt Milan mee. 
Vanuit de deuropening kijken wij reikhalzend uit naar prille tekenen van ontluikende liefde.
De mama van Kiano is een stille vrouw, groot, slank, blond. In twee jaar heeft ze twee relaties gehad en is ze twee keer verhuisd. Kiano, "als je mijn naam niet kan onthouden denk je maar aan piano", heeft er geen last van, meent ze.
Nu staat ze op haar mooist op het schoolplein onwennig te dralen in de buurt van de al even onwennige vader van Milan.
In zijn knalgele t-shirt en foute zonnebril staat hij een halve kop kleiner dan zij, sportschoolbreed te schutteren nee, ze zijn nog niet op hun gemak bij elkaar.
Je zou haar willen waarschuwen, de mama van Kiano, ach meisje doe het niet.
Hij is een foute man, zo een met problemen, hij heeft geen werk en zijn drie zoons zijn geen lieverdjes och, stel daar je zachte Kiano niet aan bloot.
Kijk hem daar staan in zijn gele shirt en zijn felspiegelende bril waarmee hij zijn ogen afschermt en die zijn hoofd meer dan eens op een ei doet lijken, kijk hem stoer doen.
Hij zal je verdriet brengen en weer een verhuizing, denk toch aan je kleine jongetje en laat hem gaan, het is nu nog niet te laat.
Reacties

Mijn maman verdeelt de populatie in mensen mèt een armoedige kop en zij die deze toevoeging ontberen en daarom maak ik nog maar even een afspraakje met de kapper.

Van nature ben ik gelukkig gezegend met een nobel voorkomen en een natuurlijk sjieke golfslag, gelijkmatig als de Atlantique op een kalme zonovergote dag en ga ik maar twee keer per jaar naar de kapper want ik heb er een stronthekel aan, maar o wee als ik arriveer in La France en mijn krullen waaieren mij volgens de etiquette iets te wild rond de welgevormde oortjes, dan breekt de pleuris los.

Werd er maar flink gescholden, geslagen of anderszins kabaal gemaakt maar nee, slechts die ene opgetrokken wenkbrauw die mij in gedachten reeds doet verstijven, dient tot elke prijs vermeden te worden.

Eerlijk is eerlijk, verder is alles geoorloofd.

Oude kleren, een vlekje mag best, zonder bh in je paarse hemdje de wereld trotseren is helemaal ok, naakt in het zwembad wat haar betreft, een joggingbroek met crocs eronder allez, c'est la campagne, het hartstochtelijk beminnen van de buurman o lalalala, c'est La France maar....

Het hebben van een armoedige kop is een doodzonde.

 

Reacties

Afbeelding

 

Waar mij normaal een zekere moedeloosheid bekruipt bij het aanschouwen van effectief ingedeelde kastruimten in de woonbladen waarbij zogenaamd nonchalant wat op tafel rondgestrooid schrijfgerei voor een rommelig effect moet zorgen, slaat nu de blinde paniek toe.

Mijn huis bezit kastruimte genoeg maar puilt uit van de spullen waarvan de meesten, beken ik tot mijn schaamte, overbodig zijn, in de vakanties die ik ver en warm pleeg door te brengen heb ik immers genoeg aan een weekendtas, improviseer ik naar hartelust en mis ik niks van mijn huiselijke rijkdommen. Thuis open ik af en toe een kastdeur, trek aan de klemvast gestapelde inhoud tot die er uit valt en als ik twee armen vol kleding, schoenen, flessen en bussen haarschuim uit het jaar nul bij elkaar heb, werp ik de hele boel in de afvalbak.

Sinds gisterenmiddag ben ik de autosleutel kwijt. Erg is dat niet want de auto verblijft een dag of wat bij de garage alwaar hij een nieuwe bumper gemonteerd krijgt en er nu een oude donkerblauwe Bora voor de deur geparkeerd staat, waarvan de sleutel op de trap ligt, veilig in het zicht zodat we deze niet kwijtraken. Nadat een of andere bezopen lamlul het nodig vond zijn rammelende koekblik op wielen, in elkaar gezet door twaalfjarige Koreaantjes, bovenop mijn solide trekhaak te planten, oordeelde de garagehouder in al zijn wijsheid dat het nodig was dat er een nieuwe bumper gemonteerd zou worden, kijkt u maar mevrouwtje, en hij mij op het bestaan van drie minuscule, bijna met het blote oog niet te ontwaren oneffenheden, de naam krasjes niet waard, wees. Natuurlijk had ik behalve minstens twee jaar ziektewet waarin ik op luxe cruise zou gaan,  hevig nek-en wervelletsel en het verlies van mijn rechterbeen moeten claimen en levenslang twee keer per week een algehele massage door een mooie donkere man met een stevige greep die van wanten weet maar ach, zo bijdehand was ik niet en bovendien heb ik eerlijkheid hoog in mijn vaandel staan. 

Hoe ik ook zocht, mijn autosleutel leek opgeslokt door de krochten van vergetelheid, verslonden door de muil der onzichtbaarheid ja, het was alsof hij nooit had bestaan, mijn autosleutel. Natuurlijk hebben wij als oppassende en verantwoordeljke wegenbelastingbetalers een reservesleutel maar die was samen met de auto ingeleverd bij de garagemonteurs die ons bezwoeren er goed op te passen.

Wanhopig als ik was had ik gaarne de inhoud van drie kasten willen ruilen voor één kørig øpbergmøbel uit het Zweedse warenhuis, waarbij ik de autosleutel nonchalant rommelig op mijn Ståkhølm tafel zou laten slingeren, nog onwetend van het feit dat ik halverwege de komende slapeloze nacht verwilderd mijn koelkast zou plunderen op zoek naar een van zout en vet verzadigde snack, teneinde mijn vertwijfelde gemoedstoestand het hoofd te bieden, en daarbij mijn sleutel zou vinden, verscholen tussen de geurende oude kaas en de knoflookworst.

Reacties
Nadat mijn dweilpersoon er de brui aan had gegeven, kwam ik na een week of twee tot de conclusie dat zelf schoonmaken absoluut mijn voorkeur niet verdiende.
 Dus ging ik op zoek naar een fris ruikend mens, die gewapend met bleekwater en fleurig plumeau mijn huis zou komen reinigen.
Dat viel niet mee.
Ze droegen een stinkjas, eisten rookpauzes, geurden naar natte hond, ze deden een kwartier over het schoonmaken van mijn fluitketel, wat niet tot het takenpakket behoort, het ding staat er voor de sier, om een statement te maken, zo van kijk mij eens artistiek zijn met m'n fluitketel, maar inmiddels heeft zich de perfecte dweilpersoon gemeld.
Een keurig nette, opgeruimde persoonlijkheid met duidelijk bewezen dweilkwaliteiten en uitstekende referenties.
Na de ceremonie van het overhandigen van de sleutel, blinkt mijn huis des maandags als ik thuis kom en ruikt het naar chloor en allesreiniger met bloemengeur.
Vandaar dat uw Axelle vandaag  en alle dinsdagen, na het uitslapen en douchen, van een lichte brunch geniet, buiten in de zon.
Reacties
Sinds een paar dagen ligt er een lijstje want hij is van de lijstjes.
Horren schoonmaken, plankjes zagen, plintje vastzetten, dat soort dingen.
Als ik nog wat had, kon ik het er bij zetten maar ik hield me wijselijk van de domme.
Zaterdagochtend, het is begonnen.
Waar ik eerst nog in veilige ignorantie mijn slaapachterstand lag in te halen, dien ik nu de confrontatie aan te gaan met de klussende man.
De hemdsmouwen opgerold staat hij buiten, gebogen over een tafel vol onderdelen van twee F-16 straaljagers met bijbehorend gereedschap, en de gebruiksaanwijzing.
Hij bromt dat de Ikea hier niks bij is.
Zou hij koffie willen?
Hij gromt, ik had het kunnen weten, men moet de klussende man niet storen.
Anderhalf uur en een ton zweet later staat de Black&Decker Workmate te glanzen in de zon, een waar pronkstuk en zelfs het overblijvende onderdeel blijkt een sleutel.
 
Twee plankjes op maat zagen blijkt een fluitje van een cent.
 
 
 
 
 
Reacties
De uitdrukking op zijn gezicht was er een van ongeloof en pure verbijstering toen hij gisteravond geheel onverwacht om half twaalf binnenstapte, onkundig van de taferelen die hij binnenshuis aan zou treffen.
Dat zijn dochter er was met een aantal vriendinnen was tot daar aan toe maar het gegil, de drank die uitgestald op tafel boekdelen sprak en vooral de teringherrie die de jeugd zijns inziens onterecht als muziek betitelde, deed hem de das om.
Als verdwaasd strompelde hij de keuken in alwaar zijn verloofde achter de frituur wulpse heupbewegingen maakte op de maat van de ritmische door merg en been heengaande eentonige dreun van de muziek.
Daar ging zijn gedroomde als verrassing bedoelde glorieuze entree.
Hij zou immers morgen pas terugkomen.
Hij brandde zijn tong aan de lippen van zijn vrouw die hem zojuist een bitterbal toestopte, hem liefdevol aankeek en de welgemeende woorden:  "dag schat" uitsprak.
Hij was thuis.
Reacties
Dat zij een gezicht trekt van omg ze heeft weer wat, deert mij niet in het minst, thuis heb ik er immers een die dat vaker en met meer afkeuring doet.
Blijkbaar iets wat dochters doen en waar wij moeders welwillend om dienen te glimlachen.
Terwijl wij ons koesteren in de winterzon die niettemin zo warm is dat we gekleed in een hemdje op het balkon zitten, bezien wij bewonderend hoe de surfies beneden ons de golven trotseren en hun stunts demonstreren.
Ze zijn een lust voor het oog en ik kan het water niet weerstaan.
Het waternis koud maar met een wetsuit kan het.
Ik heb geen wetsuit en kondig aan dat we er een gaan ritselen, vandaar dat ze een gezicht trekt maar goed, ze houdt wel van actie dus vooruit.
 
De mannen van de surfclub verlenen welwillend hun medewerking, in de eerste plaats omdat mijn dochter weet hoe ze met haar verblindende glimlach iets voor elkaar moet krijgen.
Eigenlijk zijn ze niet te huur maar ze zijn ten volle bereid voor mij een uitzondering te maken, ik wil een half uur zwemmen, natuurlijk waarom niet!
Ik ben te groot voor een vrouwenpak en een mannenpak is mij te wijd maar eindelijk vinden we een passend model. 
Ik snuffel er even aan, mannenplas lijkt me viezer dan vrouwenplas maar het pak ruikt zoals het er uitziet, steriel naar rubber dus vooruit maar.
Ik informeer nog even of er geen haaien zijn maar de mannen verzekeren mij serieus dat dat niet het geval is, een enkele verdwaalde dolfijn misschien maar die zijn vriendelijk.
Ze staan met z'n allen, een man of tien sterk, samen met mijn dochter te kijken hoe ik evenwijdig langs de kust zwem.
Zwemmen in zee is heerlijk, het zoute water en mijn wetsuit doen me hoger op het water liggen.
Onvermijdelijk kondigt de inzinking zich aan, eerder dan verwacht.
Dat moment waarop mijn spieren log en traag worden en het dreigen op te geven en waarvan ik weet dat ik het moet negeren en moet doorgaan, dat keerpunt dat vleugels geeft als ik mij er doorheen bijt, op pure wilskracht wel te verstaan. 
Daarna gaat het vanzelf, ademhaling wordt rustig en regelmatig, armen en benen doorklieven in het gestage ritme van de vrije slag hun weg door het water.
Dan dringt het geluid van de claxon van de jeep tot me door die mij waarschuwt dat ik een half uur onderweg ben. 
Ik blijk behoorlijk ver van mijn beginpunt af te zijn maar besluit terug te zwemmen in plaats van te stoppen en met de auto terug te rijden, ik heb vleugels immers.
Als ik het water uit kom applaudiseren de mannen samen met mijn dochter.
Ze kloppen mij op de schouder en ik ben zelf ook tevreden, wat heb ik genoten!
Terug op mijn balkon vertelt mijn dochter hoe de surfies eerst wat lacherig maar later vol bewondering waren geweest. 
 
Weer schudt zij glimlachend haar hoofd...
 
 
 
 
 
 
Reacties
Domeinregistratie en hosting via mijndomein.nl